ECLI:NL:CRVB:2009:BG9682
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R. Kooper
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Waarschuwing als besluit in bestuursrechtelijke bijstandszaak
Appellant, een bijstandsontvanger zonder vaste woon- of verblijfplaats, ontving een schriftelijke waarschuwing van het College van burgemeester en wethouders van Groningen wegens het niet nakomen van zijn inlichtingenverplichting volgens de WWB. Het College verklaarde het bezwaar tegen deze waarschuwing niet-ontvankelijk omdat het geen besluit zou zijn in de zin van artikel 1:3 Awb Pro.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit niet-ontvankelijkheidsbesluit ongegrond. In hoger beroep betoogde appellant dat de waarschuwing wel degelijk een besluit is, omdat deze gevolgen kan hebben voor toekomstige uitkeringsrechten.
De Raad stelde vast dat de waarschuwing een publiekrechtelijke rechtshandeling inhoudt en onderdeel is van de Maatregelenverordening die consequenties verbindt aan verwijtbare gedragingen. Daarom kwalificeert de waarschuwing als een besluit in de zin van artikel 1:3 Awb Pro. Het niet-ontvankelijk verklaren van het bezwaar was onjuist, de Raad vernietigde het besluit van 30 augustus 2007 en droeg het College op een inhoudelijke beslissing op bezwaar te nemen. Tevens werd het College veroordeeld in de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De Raad vernietigt het niet-ontvankelijkheidsbesluit en draagt het College op een inhoudelijke beslissing te nemen op het bezwaar tegen de waarschuwing.