ECLI:NL:CRVB:2009:BH1323
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Toekenning volledige WAO-uitkering en vergoeding wettelijke rente na bestuurlijke traagheid
Appellant had bezwaar gemaakt tegen de weigering van het UWV om hem met ingang van 5 februari 2003 een WAO-uitkering toe te kennen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit van het UWV, maar wees het verzoek om schadevergoeding wegens wettelijke rente af. In hoger beroep stelde de Centrale Raad van Beroep vast dat het UWV het oorspronkelijke besluit onrechtmatig had genomen en dat het nieuwe besluit op bezwaar het eerdere besluit introk en alsnog een WAO-uitkering toekende met een mate van arbeidsongeschiktheid van 80-100%.
De Raad oordeelde dat appellant recht heeft op vergoeding van wettelijke rente over de na te betalen uitkering en dat partijen overeenstemming hadden bereikt over de vergoeding wegens bestuurlijke traagheid. Tevens werd vastgesteld dat het UWV onterecht had geweigerd proceskosten te vergoeden, waardoor het besluit niet in stand kon blijven. De Raad veroordeelde het UWV tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Het onderzoek werd heropend om nader te beoordelen of er sprake was van overschrijding van de redelijke termijn door de bestuursrechter, waarbij tevens de Staat der Nederlanden als partij werd aangewezen. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 20 januari 2009 door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep.
Uitkomst: Appellant krijgt een WAO-uitkering toegekend met 80-100% arbeidsongeschiktheid, inclusief vergoeding van wettelijke rente en proceskosten wegens bestuurlijke traagheid.