ECLI:NL:CRVB:2009:BH1949
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R. Kooper
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens niet-naleving inlichtingenplicht bij handelsactiviteiten
Appellanten ontvingen bijstand sinds 1978 en werden vanaf 1 juni 2004 beschuldigd van het verrichten van werkzaamheden op rommelmarkten en in de fietsenhandel, zonder dit aan het College te melden. De sociale recherche voerde een onderzoek uit naar aanleiding van anonieme tips, waarbij getuigenverklaringen en facturen werden verzameld die een substantiële economische activiteit aantoonden.
Het College introk de bijstand per 1 juni 2004 en vorderde de kosten van bijstand terug. Appellanten deden een nieuwe aanvraag die werd afgewezen wegens onvoldoende inzicht in hun financiële situatie. De rechtbank verklaarde de beroepen ongegrond.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de onderzoeksbevindingen een toereikende grondslag vormen voor de intrekking en terugvordering. Appellanten voldeden niet aan hun inlichtingenplicht, leverden onvoldoende bewijs van inkomsten en administratie, en konden daardoor hun recht op bijstand niet aantonen. Ook de afwijzing van de nieuwe aanvraag wordt bevestigd.
De Raad oordeelt dat het College bevoegd was tot intrekking en terugvordering en dat het beleid van het College niet onredelijk was. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De intrekking en terugvordering van bijstand worden bevestigd wegens niet-naleving van de inlichtingenplicht en onvoldoende bewijs van recht op bijstand.