ECLI:NL:CRVB:2009:BH4360
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Th.C. van Sloten
- R.H.M. Roelofs
- C. van Viegen
- Rechtspraak.nl
Herroeping terugvordering bijstand na legaat wegens onredelijk bruto-terugvorderingsbeleid
Appellante ontving sinds 1988 bijstand en kreeg in 2005 een legaat van € 37.299 uit een nalatenschap. Het College van B&W trok haar bijstand in en vorderde de kosten van bijstand bruto terug over de periode 23 mei 2003 tot 30 september 2005. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep oordeelt de Raad dat het College bevoegd was tot terugvordering, omdat de middelen betrekking hadden op een periode waarover eerder bijstand was verleend. Echter gaat het beleid van het College om altijd bruto terug te vorderen over een voorafgaand kalenderjaar te ver, omdat het geen ruimte laat voor uitzonderingen zonder verwijtbare gedraging van de betrokkene.
De Raad vernietigt het besluit van 31 oktober 2006 en herroept het besluit van 8 mei 2006, bepaalt dat netto een bedrag van € 20.699,73 wordt teruggevorderd. Er is geen aanleiding voor schadevergoeding. Het College wordt veroordeeld in de proceskosten en moet het betaalde griffierecht vergoeden.
Uitkomst: De Raad vernietigt het bruto-terugvorderingsbesluit en bepaalt een netto terugvordering van € 20.699,73.