ECLI:NL:CRVB:2009:BJ3950
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herziening WAO-uitkering en onderbouwing arbeidskundige schatting
Betrokkene ontvangt een WAO-uitkering wegens spanningshoofdpijn en myalgie met een arbeidsongeschiktheidspercentage van 80-100%. In 2005 werd haar mate van arbeidsongeschiktheid herbeoordeeld en vastgesteld op 25-35%, wat leidde tot een herziening van haar uitkering. Betrokkene maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door appellant werd afgewezen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit omdat appellant niet alle signaleringen van het CBBS-systeem deugdelijk had gemotiveerd.
In hoger beroep richtte appellant zich uitsluitend tegen de arbeidskundige onderbouwing, terwijl de medische grondslag niet ter beoordeling stond omdat betrokkene geen hoger beroep had ingesteld tegen dat deel van de uitspraak. De Raad verwees naar eerdere jurisprudentie waarin is bepaald dat alle signaleringen van het CBBS-systeem van een afzonderlijke toelichting moeten worden voorzien.
Appellant overhandigde een nadere arbeidskundige toelichting waarin de functies administratief medewerker, correspondent en kassier bank voldoende werden toegelicht. De Raad oordeelde dat daarmee voldoende was aangetoond dat betrokkene de geselecteerde functies kan verrichten. De vernietiging door de rechtbank werd bevestigd, maar de rechtsgevolgen van het bestreden besluit bleven geheel in stand. Appellant werd veroordeeld in de proceskosten van betrokkene.
Uitkomst: De vernietiging van het bestreden besluit wordt bevestigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand.