ECLI:NL:CRVB:2009:BK1241
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang na herroeping maatregel WWB
De zaak betreft het hoger beroep van de erfopvolgster van [S.] tegen de uitspraak van de rechtbank ’s-Gravenhage die het beroep niet-ontvankelijk verklaarde wegens het ontbreken van een rechtens te honoreren procesbelang. [S.] had een bijstandsmaatregel opgelegd gekregen vanwege schending van de inlichtingenverplichting, maar deze maatregel werd door het College herroepen wegens dringende redenen.
Na het overlijden van [S.] zette haar erfopvolgster de procedure voort. De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat het belang bij het beroep is komen te vervallen omdat de maatregel herroepen is en het overlijden van [S.] betekent dat de maatregel geen gevolgen meer kan hebben. Het argument van appellante dat duidelijkheid over de dringende redenen gewenst is, is onvoldoende voor procesbelang.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en ziet geen aanleiding voor proceskostenveroordeling. De beslissing werd genomen door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 5 oktober 2009.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang na herroeping van de maatregel en overlijden van de belanghebbende.