ECLI:NL:CRVB:2009:BK3342
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing schadevergoeding wegens geen overschrijding redelijke termijn bij AOW-korting
Appellant heeft bezwaar gemaakt tegen een korting van 4% op zijn AOW die door de Sociale Verzekeringsbank (Svb) was toegekend. Na bezwaar en beroep heeft de Svb het besluit herroepen en alsnog een volledig ouderdomspensioen toegekend. Appellant verzocht vervolgens om schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn in de bestuursprocedure.
De Svb wees dit verzoek af en ook de rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond. Appellant stelde in hoger beroep dat de totale duur van de procedures samen moet worden beoordeeld voor de redelijke termijn, maar de Raad volgde dit niet. De Raad oordeelde dat het om twee afzonderlijke procedures gaat en dat per procedure moet worden beoordeeld of de redelijke termijn is overschreden.
Omdat de eerste procedure niet langer dan vier jaar duurde, was er geen sprake van overschrijding. De Raad bevestigde daarom de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het verzoek tot schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn wordt afgewezen omdat geen overschrijding is vastgesteld.