ECLI:NL:CRVB:2009:BK5302
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.C.F. Talman
- R.H.M. Roelofs
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens niet-melding vermogen in Marokko
Appellanten ontvingen bijstand vanaf 1987 en bezaten een woning in Marokko die zij niet volledig hadden gemeld. Na onderzoek door de Nederlandse Ambassade werd vastgesteld dat de woning een waarde had van circa €71.000, wat boven de geldende vermogensgrens lag. Het College trok de bijstand met ingang van 1 juli 1997 in en vorderde de ten onrechte ontvangen bijstandskosten terug.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond. In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep dat appellanten beschikten over vermogen boven de vermogensgrens en dat zij in strijd met hun inlichtingenverplichting handelden. De Raad vond de taxatie van de Nederlandse Ambassade betrouwbaar en wees de lagere taxatie van de door appellanten ingeschakelde makelaar af.
De Raad oordeelde dat het College bevoegd was de bijstand in te trekken en de kosten terug te vorderen over de periode van 1 juli 1997 tot en met 15 november 2000, waarbij het College ten gunste van appellanten afweek van het toenmalige beleid. De hoger beroepen werden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van bijstand en terugvordering van kosten worden bevestigd wegens niet-melding van vermogen in een woning in Marokko.