ECLI:NL:CRVB:2009:BK8135
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G. van der Wiel
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- Rechtspraak.nl
Beoordeling studiefinanciering voor EU-student met Italiaanse nationaliteit en toepassing 32-urenscriterium
Betrokkene, een student met de Italiaanse nationaliteit, vroeg studiefinanciering aan voor een studie in Nederland. Aanvankelijk werd studiefinanciering toegekend op basis van het vermoeden dat hij als communautair werknemer kwalificeerde, mede vanwege een arbeidscontract van minimaal 8 uur per week. Na controle bleek dat betrokkene in 2001 niet aan het 32-urenscriterium voldeed, waarop de studiefinanciering werd herzien en teruggevorderd, inclusief de OV-studentenkaart.
Betrokkene maakte bezwaar tegen deze herzieningsbesluiten, maar de rechtbank oordeelde dat appellante onvoldoende had onderzocht of betrokkene als communautair werknemer kon worden aangemerkt, mede omdat niet alleen naar maanden met minimaal 32 uur gewerkt moest worden gekeken. De rechtbank vernietigde de herzieningsbesluiten en beval een nieuw besluit.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt echter dat het 32-urenscriterium een redelijke maatstaf is en dat appellante bevoegd was de studiefinanciering te herzien en terug te vorderen. Betrokkene voldeed niet aan het criterium en er waren geen bijzondere omstandigheden die een afwijking rechtvaardigden. Wel heeft betrokkene op grond van het EU-recht recht op de Raulin-vergoeding, maar niet op de OV-studentenkaart. Het hoger beroep wordt daarom grotendeels afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Daarnaast veroordeelt de Raad appellante in de proceskosten van betrokkene voor de verleende rechtsbijstand. Het beroep tegen het besluit van 12 oktober 2006 wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt grotendeels afgewezen en de herziening van studiefinanciering en terugvordering van de OV-studentenkaart bevestigd.