ECLI:NL:CRVB:2010:BM8163
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.F. Bandringa
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Herroeping intrekking bijstand wegens onvoldoende bewijs niet-woning op opgegeven adres
Appellant ontving bijstand vanaf 8 mei 2006. Na melding van ontmanteling van een hennepkwekerij op zijn adres startte de ISD een onderzoek en trok de bijstand per 22 februari 2007 in wegens vermeende niet-woonachtigheid op het opgegeven adres.
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellant ongegrond, maar de Raad stelde vast dat de ISD onvoldoende bewijs had geleverd dat appellant niet woonde op het opgegeven adres. Het rapport van de sociaal rechercheur bevatte onvoldoende controleerbare waarnemingen en de verklaring van appellant was niet op ambtseed vastgelegd of door hem bevestigd.
De Raad oordeelde dat de ISD niet had aangetoond dat appellant zijn inlichtingenverplichting had geschonden en vernietigde het besluit tot intrekking van de bijstand. Tevens werd de ISD veroordeeld tot vergoeding van wettelijke rente over de niet-betaalde bijstand en tot betaling van de proceskosten van appellant.
Uitkomst: De Raad vernietigt het besluit tot intrekking van de bijstand wegens onvoldoende bewijs en veroordeelt de ISD tot vergoeding van wettelijke rente en proceskosten.