ECLI:NL:CRVB:2010:BM9955
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.H.M. Roelofs
- E.E.V. Lenos
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Geen recht op bijzondere bijstand voor aflossing huursubsidieschuld zonder zeer dringende redenen
Betrokkene ontving bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB) en kreeg een terugvordering van huursubsidie wegens een nabetaling van de Belastingdienst, waardoor hij een schuld van € 934,20 had. Hij vroeg bijzondere bijstand aan voor de aflossing van deze schuld, maar dit werd door het College van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlem afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit, maar de Centrale Raad van Beroep oordeelde anders.
De Raad stelde vast dat betrokkene bijzondere bijstand had gevraagd voor de aflossing van een schuld en dat hij ten tijde van het ontstaan van die schuld en tijdens het geding beschikte over voldoende middelen om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien. Volgens artikel 13, eerste lid, aanhef en onder f, van de WWB is in zo'n situatie geen recht op bijstand, tenzij er zeer dringende redenen zijn zoals bedoeld in artikel 49 van Pro de WWB.
De Raad vond geen sprake van dergelijke zeer dringende redenen en verwees naar eerdere jurisprudentie waarin het ontbreken van verwijtbaarheid niet als zodanig werd beschouwd. Daarom vernietigde de Raad de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep tegen het besluit van 23 augustus 2007 ongegrond. Tevens werd het besluit van 22 augustus 2008, waarin alsnog bijzondere bijstand was verleend, vernietigd.
Er werden geen proceskosten toegewezen. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 29 juni 2010.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit tot weigering van bijzondere bijstand wordt ongegrond verklaard en het besluit tot verlening van bijzondere bijstand wordt vernietigd.