ECLI:NL:CRVB:2010:BN0639
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten tuinonderhoud wegens ontbreken bijzondere omstandigheden
Appellant verzocht bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam om bijzondere bijstand voor de kosten van sanering van zijn tuin, begroot op €7.155,25. Het College wees dit verzoek af omdat deze kosten volgens artikel 35, eerste lid, WWB behoren tot de reguliere kosten van het bestaan die uit het reguliere inkomen moeten worden voldaan, tenzij bijzondere omstandigheden aanwezig zijn.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen deze afwijzing ongegrond. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad stelde vast dat de tuin van appellant weliswaar onderhoud nodig had, maar dat dit niet leidde tot een situatie waarin de gezondheid van appellant gevaar liep. Ook ontbrak een causaal verband tussen de tuin en zijn medische klachten.
Verder was niet gebleken dat appellant plotseling met hoge kosten werd geconfronteerd, aangezien de tuin eerder door een stichting werd onderhouden en appellant tijdig had kunnen voorzien in het onderhoud door derden. De Raad concludeerde dat er geen bijzondere omstandigheden waren die recht gaven op bijzondere bijstand en bevestigde daarom de eerdere uitspraak. De proceskosten werden niet aan appellant opgelegd.
Uitkomst: De aanvraag bijzondere bijstand voor tuinsanering wordt afgewezen wegens ontbreken van bijzondere omstandigheden.