ECLI:NL:CRVB:2010:BN9623
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- R.H.M. Roelofs
- R. van der Spoel
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens gebrek aan procesbelang bij bijstandsverlening
Appellante had bijstand ontvangen onder verband van een krediethypotheek en verzocht het College om deze hypotheek mee te nemen naar een nieuwe woning vanwege gezondheidsredenen en de noodzaak tot thuiswerken. Het College wees dit verzoek af omdat de huidige woning toereikend werd geacht. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond.
In hoger beroep betoogde appellante dat zij procesbelang had omdat zij het bedrag van de krediethypotheek in termijnen wilde aflossen en niet in één keer, om gedwongen verkoop van haar nieuwe woning te voorkomen. De Raad stelde vast dat appellante inmiddels een nieuwe woning met werkkamer had gekocht, waardoor het oorspronkelijke bezwaar over de woningtoereikendheid feitelijk was komen te vervallen.
De Raad concludeerde dat appellante geen voldoende procesbelang had omdat het College een betalingsregeling kan treffen waardoor gedwongen verkoop niet noodzakelijk is. Het hoger beroep werd daarom niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een rechtens relevant belang.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van voldoende procesbelang.