ECLI:NL:CRVB:2010:BN9775
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit vaststelling persoonsgebonden budget wegens onjuiste motivering
Aan betrokkene werd sinds 2003 een persoonsgebonden budget (pgb) toegekend. Voor 2007 werd het pgb vastgesteld op € 43.802,75, maar het Zorgkantoor stelde later vast dat een bedrag van € 4.265,17 niet verantwoord was en vorderde dit terug. De echtgenoot van betrokkene had in het laatste kwartaal van 2007 onbetaald verlof opgenomen om zorg te verlenen, maar het Zorgkantoor achtte dit geen inkomstenderving en wees de terugvordering toe.
De erven van betrokkene maakten bezwaar tegen dit besluit, dat werd afgewezen door het Zorgkantoor en bevestigd door de rechtbank. In hoger beroep oordeelt de Raad dat het niet relevant is of een zorgverlener inkomstenderving lijdt, maar of voldaan is aan de verplichtingen uit artikel 2.6.9 van de Regeling subsidies AWBZ, waaronder dat de zorg is verleend tegen betaling door de budgethouder.
De motivering van het vaststellingsbesluit is onjuist, waardoor het besluit van 20 november 2008 niet kan standhouden. De Raad vernietigt het besluit en de uitspraak van de rechtbank, verklaart het beroep gegrond en beveelt het Zorgkantoor een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak. Tevens wordt het Zorgkantoor veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het besluit van het Zorgkantoor tot vaststelling van het persoonsgebonden budget 2007 wordt vernietigd en een nieuw besluit op bezwaar wordt bevolen.