ECLI:NL:CRVB:2010:BO1318
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting
Appellante ontving vanaf 1996 bijstand op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Naar aanleiding van een anonieme tip startte het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam een onderzoek naar de rechtmatigheid van de uitkering. Uit het onderzoek bleek dat appellante twee Volkswagens Golf op haar naam had staan, waarvan de waarde de vrijstelling overschreed, en dat zij gedurende een bepaalde periode meerdere kasstortingen ontving die zij niet had gemeld.
Op basis van deze bevindingen trok het College de bijstand over bepaalde perioden in en vorderde de kosten van bijstand terug. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen dit besluit ongegrond. Appellante ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad overwoog dat het op naam staan van de voertuigen op appellante's naam de vooronderstelling rechtvaardigt dat zij hierover beschikte, wat door appellante onvoldoende is tegengesproken. Ook de ontvangen giften moesten worden gemeld en konden niet buiten beschouwing worden gelaten. Appellante kon niet aannemelijk maken dat zij de giften tijdig had gemeld. De Raad bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en wees het hoger beroep af.
De Raad zag geen aanleiding om appellante te veroordelen in de proceskosten. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 oktober 2010.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de intrekking en terugvordering van bijstand wordt bevestigd.