ECLI:NL:CRVB:2010:BO3772
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot herziening uitspraak over overmakingskosten en rechtsbijstandvergoeding
De erven van betrokkene verzochten herziening van een eerdere uitspraak van de Centrale Raad van Beroep waarin werd bevestigd dat de Sociale verzekeringsbank terecht overmakingskosten in mindering bracht op het ouderdomspensioen.
Verzoekers legden nieuwe argumenten voor, waaronder een overzicht van gewijzigde banktarieven en een verwijzing naar een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over vergoeding van kosten voor rechtsbijstand, ook als deze door een leek werd verleend. De Raad overwoog dat het rechtsmiddel van herziening niet bedoeld is om een hernieuwde discussie te voeren of de juistheid van de uitspraak te betwisten.
De nieuwe banktarieven waren van een latere datum dan de periode in geschil en het was onduidelijk of deze ook voor de Sociale verzekeringsbank golden. De uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak betrof een feitelijk andere situatie en was bovendien al bekend bij verzoekers ten tijde van de eerdere uitspraak.
Gelet op deze omstandigheden werd het verzoek om herziening afgewezen. De Raad vond geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en leden van de meervoudige kamer en uitgesproken in het openbaar op 12 november 2010.
Uitkomst: Het verzoek om herziening van de uitspraak wordt afgewezen.