ECLI:NL:CRVB:2011:BP2938
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- H.G. Rottier
- H. Bolt
- B.M. van Dun
- Rechtspraak.nl
Bevestiging niet-ontvankelijkheid bezwaar en afwijzing verzoek tot herziening uitkeringsbesluiten
Appellante had een uitkering ingevolge de Wet Werkloosheidsvoorziening ontvangen, die later werd beëindigd vanwege het bereiken van de maximale uitkeringsduur. Zij stelde dat de gemeente fouten had gemaakt waardoor zij schade had geleden door het niet ontvangen van een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Appellante verzocht meerdere malen om het nemen van een schadebesluit en om terug te komen op eerdere besluiten uit 1979.
De Raad oordeelde dat de aanmelding van arbeidsongeschiktheid bij een niet bevoegde instantie een feitelijke handeling is en geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). Hierdoor was het bezwaar tegen het niet tijdig nemen van een besluit niet-ontvankelijk. Tevens ontbraken nieuwe feiten of veranderde omstandigheden die een herziening van de oude besluiten konden rechtvaardigen.
De rechtbank had eerder de beroepen van appellante afgewezen en de Raad bevestigt deze uitspraken. Het hoger beroep van appellante wordt verworpen en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar en wijst het verzoek tot herziening van de uitkeringsbesluiten af.