ECLI:NL:CRVB:2011:BP3562
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep CAK tegen afwijzing compensatie eigen risico 2008 niet-ontvankelijk verklaard
Betrokkene diende eind 2008 een aanvraag in bij CAK voor compensatie van het eigen risico over 2008. CAK wees deze aanvraag op 15 januari 2009 af en verklaarde het bezwaar van betrokkene tegen dit besluit op 18 februari 2009 ongegrond. De rechtbank Arnhem vernietigde dit besluit echter wegens strijd met artikel 3:2 Awb Pro, maar liet de rechtsgevolgen van het vernietigde besluit in stand omdat betrokkene volgens gegevens van Vektis niet aan de voorwaarden voldeed.
CAK stelde in hoger beroep dat het niet onzorgvuldig had gehandeld en dat het uit moest gaan van de door Vektis aangeleverde gegevens. De Raad stelde vast dat het hoger beroep van CAK zich richtte tegen de vernietiging van het besluit, maar niet tegen de handhaving van de rechtsgevolgen daarvan.
De Raad oordeelde dat CAK onvoldoende procesbelang had bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep, omdat het resultaat dat CAK nastreefde niet bereikt kon worden en dus geen feitelijke betekenis had. Daarom verklaarde de Raad het hoger beroep niet-ontvankelijk en legde een griffierecht van €448 op aan CAK.
Uitkomst: Het hoger beroep van CAK wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang.