ECLI:NL:CRVB:2011:BP4813
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R. Kooper
- J.N.A. Bootsma
- W.F. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluiten afwijzing bijstandsaanvragen wegens onjuiste beoordeling bijstandbehoevendheid
Appellante diende meerdere aanvragen om bijstand in bij het College van burgemeester en wethouders van Amsterdam, welke werden afgewezen op grond van vermeend niet voldoen aan de bijstandbehoevendheid. Het College stelde dat appellante beschikte over middelen via leningen van haar (schoon)familie, waardoor zij niet in aanmerking kwam voor bijstand.
De rechtbank Amsterdam verklaarde de beroepen van appellante ongegrond, maar appellante ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. De Raad oordeelde dat het College zelf aannam dat appellante afhankelijk was van financiële steun van haar familie en dat er geen andere middelen waren aangetoond. Dit betekende dat appellante in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde en daarom recht had op bijstand.
De Raad vernietigde de besluiten van 23 september 2008 die de bezwaren van appellante ongegrond verklaarden en droeg het College op nieuwe besluiten te nemen. Tevens veroordeelde de Raad het College in de proceskosten van appellante. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 1 februari 2011.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de besluiten van het College en draagt op tot het nemen van nieuwe besluiten op bezwaar.