ECLI:NL:CRVB:2011:BQ1135
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A.B.J. van der Ham
- W.F. Claessens
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing TRP-uitkering wegens niet-pensioengerechtigde status op peildatum
Appellante verzocht om een eenmalige uitkering op grond van de Tijdelijke regeling eenmalige tegemoetkoming pensioenverevening (TRP). De Sociale verzekeringsbank (Svb) wees dit af omdat appellante op 1 juli 2007 niet voldeed aan de voorwaarde van pensioengerechtigde status volgens de Algemene Ouderdomswet (AOW).
De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante ongegrond en wees ook haar beroep af. In hoger beroep betoogde appellante dat de regeling niet toegepast had mogen worden omdat zij ongelijk werd behandeld ten opzichte van anderen die wel een tegemoetkoming ontvingen, en dat de regeling in strijd was met het verbod op leeftijdsdiscriminatie zoals neergelegd in artikel 26 van Pro het Internationaal Verdrag inzake burgerrechten en politieke rechten (IVBPR).
De Raad overwoog dat de regeling geen hardheidsclausule kent en dat de wetgever bewust een beperkte doelgroep koos omwille van uitvoerbaarheid en maatschappelijke aanvaardbaarheid. De Raad vond dat er redelijke en objectieve gronden zijn voor het leeftijdscriterium en dat er geen sprake is van ongelijke behandeling van gelijke gevallen. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de TRP-uitkering bevestigd.