ECLI:NL:CRVB:2011:BQ6012
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C. van Viegen
- J.F. Bandringa
- C.G. Kasdorp
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsuitkering wegens inkomen uit geldlening met aflossingsverplichting
Betrokkene vroeg bijstand aan, maar de gemeente Amsterdam wees dit af omdat zij een maandelijkse bijdrage van €1.000,- ontving van R., die hoger was dan de bijstandsnorm. Betrokkene stelde dat deze bedragen voortkwamen uit een geldlening met een aflossingsverplichting, maar de gemeente volgde dit niet.
De rechtbank oordeelde dat er wel degelijk sprake was van een geldlening met een reële aflossingsverplichting en vernietigde het besluit van de gemeente. De gemeente ging hiertegen in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep bevestigde het oordeel van de rechtbank. De Raad stelde vast dat er geen onderhoudsverplichting van R. jegens betrokkene bestond en dat de betrokkene volledige openheid van zaken had gegeven over de lening. Ook de latere aflossingen bevestigen de reële verplichting. De formele overeenkomst werd pas achteraf opgesteld, maar dat deed niet af aan het bestaan van de lening.
De Raad verwierp het beroep van de gemeente en veroordeelde haar in de proceskosten van betrokkene. Het griffierecht werd vastgesteld op €433,-.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat de ontvangen bedragen een geldlening met aflossingsverplichting zijn, waardoor betrokkene geen recht op bijstand heeft.