ECLI:NL:CRVB:2011:BR1062
Centrale Raad van Beroep
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Beuker-Tilstra
- R. Kooper
- A.J. Schaap
- Rechtspraak.nl
Afwijzing herzieningsverzoek Wubo en toekenning schadevergoeding wegens termijnoverschrijding
Appellante, geboren in 1938 in voormalig Nederlands-Indië, heeft meerdere keren een aanvraag ingediend voor een uitkering op grond van de Wet uitkeringen burger-oorlogsslachtoffers 1940-1945 (Wubo). De enige geverifieerde calamiteit bij appellante is een korte internering in een school te Solo, welke niet in betekenende mate heeft bijgedragen aan haar psychische klachten. Het verzoek om herziening op basis van de mishandeling en het wegvoeren van haar vader werd afgewezen, omdat deze gebeurtenis niet als calamiteit in de zin van de Wubo kan worden meegewogen bij appellante.
De Raad overwoog dat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet slaagt, aangezien bij haar broer het wegvoeren van vader wel is meegewogen binnen het SOT-beleid, maar daar andere calamiteiten waren vastgesteld. De medische dossiers en verklaringen gaven onvoldoende bewijs van zware mishandeling van de vader. De Raad concludeerde dat het besluit van verweerder om niet tot herziening over te gaan, met terughoudendheid getoetst, standhoudt.
Daarnaast is appellante een schadevergoeding toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn van de bestuursprocedure. De overschrijding van ruim drie maanden is toe te schrijven aan vertraging door verweerder bij het beantwoorden van vragen na heropening van het onderzoek. De Raad veroordeelde verweerder tot een schadevergoeding van € 500,- en in de proceskosten van appellante tot € 1.127,-, inclusief vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: Het herzieningsverzoek wordt afgewezen, maar appellante krijgt een schadevergoeding van € 500,- wegens overschrijding van de redelijke termijn.