ECLI:NL:CRVB:2011:BR4262
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.W. Schuttel
- J.P.M. Zeijen
- F.A.M. Stroink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging loongerelateerde WGA-uitkering en verhaalsbesluit eigen risicodrager Wet WIA
Appellante, als eigen risicodrager voor de Wet WIA, betwistte twee besluiten van het UWV: de vaststelling van de mate van arbeidsongeschiktheid van een ex-werkneemster en het verhaalsbesluit voor de betaalde WGA-uitkering.
De medische beoordeling door verzekeringsartsen en arbeidskundigen werd als zorgvuldig en volledig beoordeeld. De Raad vond geen aanleiding om te twijfelen aan de juistheid van de vastgestelde beperkingen en de geschiktheid van de functies waarop de beoordeling was gebaseerd. Appellante bracht geen medische stukken aan die dit oordeel konden ondermijnen.
Ten aanzien van het verhaalsbesluit oordeelde de Raad dat het UWV op grond van dwingendrechtelijke bepalingen verplicht is de uitkering te verhalen op de eigen risicodrager. Appellante stelde dat bijzondere omstandigheden toepassing van deze verplichting in strijd met algemene rechtsbeginselen maakten, maar de Raad vond deze omstandigheden niet aannemelijk.
De Raad bevestigde daarom de aangevallen uitspraken van de rechtbank Haarlem en wees het hoger beroep van appellante af. Er waren geen gronden voor toepassing van artikel 8:75 Awb Pro.
De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 5 augustus 2011.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de aangevallen uitspraken en wijst het hoger beroep af.