ECLI:NL:CRVB:2011:BT8674
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering herziening besluit over einddatum WW-uitkering
Appellante heeft bezwaar gemaakt tegen het besluit van het UWV waarin de einddatum van haar WW-uitkering werd vastgesteld. Na een periode van Ziektewet- en zwangerschapsuitkering vroeg zij om verlenging van haar WW-uitkering met de periode van haar ziekteverlof. Het UWV weigerde dit op grond van artikel 4:6 Awb Pro, omdat geen nieuwe feiten of omstandigheden waren die herziening rechtvaardigden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellante ging in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep. Deze Raad overwoog dat het oorspronkelijke besluit van 18 augustus 2008 in rechte onaantastbaar is geworden en dat toetsing van het latere besluit zich beperkt tot de vraag of er sprake is van nieuwe feiten of omstandigheden.
De Raad concludeerde dat de nieuwe argumenten van appellante niet steunen op nieuwe feiten, maar op eerder bekende informatie. Ook de mededelingen en rapportages vormden geen aanleiding tot herziening. Het UWV heeft dan ook in redelijkheid besloten het oorspronkelijke besluit te handhaven.
De Centrale Raad van Beroep bevestigt de uitspraak van de rechtbank en wijst het verzoek tot schadevergoeding af. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt het besluit van het UWV en wijst het hoger beroep af.