ECLI:NL:CRVB:2011:BU3188
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M.M. van der Kade
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat toeslag WAO-uitkering niet mag worden afgebouwd wegens wonen in Turkije volgens associatierecht
Betrokkene, een Turkse nationaliteit dragende voormalige werknemer die arbeidsongeschikt werd verklaard en een WAO-uitkering ontving, woonde met behoud van toeslag in Turkije. Het Uwv had de toeslag afgebouwd en beëindigd op grond van de Wet beperking export uitkeringen (Wet BEU) en de Toeslagenwet, wat betrokkene aanvocht.
De rechtbank had het beroep van betrokkene gegrond verklaard en het besluit van het Uwv vernietigd. Het Uwv ging in hoger beroep, waarna prejudiciële vragen werden gesteld aan het Hof van Justitie van de EU. Het Hof oordeelde dat artikel 6, lid 1, van Besluit 3/80 rechtstreeks werkende rechten verleent aan Turkse werknemers en dat afbouw van toeslagen wegens wonen in Turkije niet is toegestaan.
De Raad overweegt dat de situatie van Turkse onderdanen die arbeidsongeschikt zijn geworden en naar Turkije terugkeren niet vergelijkbaar is met die van EU-onderdanen die vrij kunnen reizen en verblijven binnen de EU. Daarom is het afbouwen van toeslagen per 1 januari 2008, zoals bij EU-onderdanen, niet toegestaan voor Turkse onderdanen.
Het hoger beroep van betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het primaire doel (behoud toeslag) al is bereikt. Het hoger beroep van het Uwv wordt afgewezen, de aangevallen uitspraak bevestigd en het nadere besluit op bezwaar vernietigd.
Uitkomst: De toeslag op de WAO-uitkering mag niet worden afgebouwd wegens het wonen in Turkije en het beroep van het Uwv wordt afgewezen.