ECLI:NL:CRVB:2012:BV7428
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag wegens schending inlichtingenverplichting en niet aannemelijk hoofdverblijf
Appellant heeft op 15 januari 2009 bijstand aangevraagd en opgegeven te wonen op een adres te Amstelveen. Het college vermoedde dat appellant niet op dit adres verbleef en liet een onderzoek uitvoeren, inclusief huisbezoek en rapportage. Op 31 maart 2009 werd de aanvraag afgewezen vanwege het niet voldoen aan de inlichtingenverplichting en het niet aannemelijk maken van het hoofdverblijf op het opgegeven adres.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen dit besluit ongegrond, stellende dat de bevindingen tijdens het huisbezoek en de wisselende verklaringen van appellant onvoldoende geloofwaardig waren. Verklaringen van de hoofdbewoner, een tandarts en een inboedelverzekering konden dit niet overtuigend weerleggen.
In hoger beroep voerde appellant aan dat misverstanden waren ontstaan door zijn beperkte taalvaardigheid en lage opleidingsniveau en dat de verklaringen van de hoofdbewoner en anderen ten onrechte waren verworpen. De Raad concludeerde echter dat de huurovereenkomst laat was overlegd, geen bewijs van huurbetaling was geleverd en het pinverkeer niet overeenkwam met het opgegeven woonadres. De verklaringen van de hoofdbewoner waren inconsistent en onvoldoende concreet.
De Raad onderschreef de eerdere oordelen en bevestigde het besluit van afwijzing van de bijstand. Er werd geen aanleiding gezien voor een veroordeling in proceskosten.
Uitkomst: De afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt bevestigd omdat appellant zijn hoofdverblijf niet aannemelijk heeft gemaakt en de inlichtingenverplichting niet is nagekomen.