ECLI:NL:CRVB:2012:BV8268
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- J.J.A. Kooijman
- Rechtspraak.nl
Onvoldoende gemotiveerde besluiten over omvang persoonsgebonden budget huishoudelijke hulp
Appellant, volledig rolstoelgebonden en woonachtig in een Fokuswoning met drie kamers, kreeg een persoonsgebonden budget (PGB) toegekend voor huishoudelijke hulp klasse 3, wat neerkomt op 4 tot 6,9 uur per week. Het College achtte 4,5 uur noodzakelijk, inclusief extra tijd vanwege rolstoelgebruik en vervuiling door een hond, maar wees hulp bij boodschappen af omdat appellant gebruik kon maken van een vrijwilligersdienst.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit van het College, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep betoogde appellant dat het toekennen van hulp op basis van klassen in strijd is met de Wmo, dat hij niet afhankelijk wil zijn van de boodschappendienst, en dat zijn woning groter is dan gemiddeld, wat meer hulpuren rechtvaardigt.
De Raad oordeelde dat de klassensystematiek niet toereikend is omdat noodzakelijke uren boven het gemiddelde van de klasse uitkomen. De situatie van een eenpersoonshuishouden met drie kamers valt niet eenduidig binnen de beleidsregels, waardoor het besluit onvoldoende gemotiveerd is. De Raad wees het beroep tegen de boodschappendienst af, omdat afspraken maken met derden onvermijdelijk is.
De Raad draagt het College op binnen zes weken de gebreken in de besluiten van 3 juli 2008 en 25 maart 2010 te herstellen met een nadere motivering en een beslissing over het verzoek om wettelijke rente. De uitspraak is gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 15 februari 2012.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep vernietigt de besluiten wegens onvoldoende motivering en draagt het College op deze binnen zes weken te herstellen.