ECLI:NL:CRVB:2012:BW8461
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering te veel betaalde kinderbijslag ondanks onwetendheid appellante
Appellante werd geconfronteerd met een terugvordering van € 2.106,18 wegens te veel betaalde kinderbijslag voor kinderen geboren tussen 2000 en 2006. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) had het recht op kinderbijslag herzien omdat appellante vanaf het eerste kwartaal van 2007 geen recht meer had op kinderbijslag voor deze kinderen.
Appellante maakte bezwaar tegen de terugvordering en stelde in hoger beroep dat zij niet wist dat op haar naam kinderbijslag was aangevraagd en toegekend, waardoor de betaling niet onverschuldigd zou zijn. De Raad achtte dit standpunt feitelijk ongegrond omdat de Svb meerdere brieven had gestuurd die appellante hadden moeten bereiken op haar woonadres.
De Raad overwoog dat dringende redenen om van terugvordering af te zien alleen kunnen bestaan indien de financiële en/of sociale gevolgen onaanvaardbaar zijn, wat appellante niet aannemelijk had gemaakt. Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de terugvordering van te veel betaalde kinderbijslag bevestigd.