ECLI:NL:CRVB:2012:BW8784
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking bijstand en terugvordering wegens niet-naleving inlichtingenplicht
Appellant ontving bijstand vanaf 2001 met onderbrekingen en werd onderzocht vanwege onduidelijkheden in zijn financiële verantwoording. Het college trok de bijstand over 2004-2008 in en vorderde de kosten terug wegens het niet nakomen van de inlichtingenplicht.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant in hoger beroep stelde dat hij wel verantwoording had afgelegd en dat de bewijspositie onredelijk zwaar was. Hij voerde aan dat leningen van vrienden niet schriftelijk vastlagen en dat de verschillen in bedragen gering waren.
De Raad oordeelde dat appellant onvoldoende aannemelijk had gemaakt hoe hij zijn uitgaven kon dekken en dat hij onduidelijkheid had gecreëerd over de herkomst van kasstortingen. Hierdoor kon niet worden vastgesteld of hij in bijstandbehoevende omstandigheden verkeerde.
Het college had daarom terecht de bijstand ingetrokken en de kosten teruggevorderd. Er waren geen dringende redenen om van terugvordering af te zien. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking van bijstand en terugvordering bevestigd.