ECLI:NL:CRVB:2012:BW9382
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor aanschaf bed na woningbrand
Appellante heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor de aanschaf van een bed, noodzakelijk geworden door een woningbrand. Het college wees deze aanvraag af omdat de kosten voortvloeien uit geleden schade, waarvoor geen bijzondere bijstand wordt verleend. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en appellante ging in hoger beroep.
De Centrale Raad van Beroep overwoog dat artikel 14, aanhef en onder c, van de WWB expliciet kosten die verband houden met geleden schade uitsluit van bijzondere bijstand. De noodzaak van het bed vloeit rechtstreeks voort uit de brand. Appellante voerde aan dat zij geen schuld had aan de brand en dat de kosten tot de noodzakelijke kosten van het bestaan behoren, maar dit werd niet als dringende reden erkend.
De Raad stelde vast dat voor dringende redenen een acute noodsituatie vereist is, wat hier niet het geval was. Bovendien had appellante een schade-uitkering ontvangen van €18.300,- voor de inboedel, inclusief het bed, ook al was deze uitkering niet voor het bed gebruikt. Het hoger beroep werd daarom verworpen en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van bijzondere bijstand voor de aanschaf van een bed na een woningbrand.