ECLI:NL:CRVB:2012:BX0486
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging verlaging bijstand wegens niet meewerken aan re-integratietraject
Appellant ontvangt sinds 1986 bijstand en weigerde driemaal mee te werken aan re-integratietrajecten aangeboden door het Werkcenter en Connecting 2 U. Het college legde op grond hiervan driemaal een verlaging van de bijstand op, oplopend tot een periode van vier maanden bij de derde weigering.
De rechtbank vernietigde de besluiten, maar handhaafde de rechtsgevolgen. Appellant voerde aan dat de aangeboden werkzaamheden niet aansloten bij zijn persoonskenmerken en mantelzorgtaken, en dat de cumulatieve duur van de verlagingen onevenredig was. Ook stelde hij dat de ingangsdatum van de derde verlaging onterecht was verschoven.
De Raad oordeelt dat het gedrag van appellant kwalificeert als niet of onvoldoende meewerken aan een re-integratietraject en dat er sprake is van verwijtbaarheid en recidive. De verlagingen zijn proportioneel en niet onevenredig, mede omdat appellant met zijn volharding uitstroom naar betaald werk heeft belemmerd. De Afstemmingsverordening biedt ruimte voor het opschuiven van de ingangsdatum van de verlaging. De hoger beroepen worden verworpen en de uitspraken van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De verlaging van de bijstand wegens niet meewerken aan re-integratietrajecten wordt bevestigd en blijft in stand.