ECLI:NL:CRVB:2012:BX1193
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- J.J.T. van den Corput
- Rechtspraak.nl
Geen bevoegdheid UWV tot opleggen loonsanctie wegens niet tijdige verzending besluit
De zaak betreft een hoger beroep van het UWV tegen een uitspraak van de rechtbank Alkmaar waarin het besluit tot oplegging van een loonsanctie wegens onvoldoende re-integratie-inspanningen werd vernietigd. Het geschil spitste zich toe op de vraag of het primaire besluit van 19 januari 2010 tijdig was verzonden, dat wil zeggen vóór afloop van de wachttijd op 21 januari 2010.
De rechtbank had vastgesteld dat het UWV niet had aangetoond dat het besluit op de dag van datering was verzonden, mede omdat verzending niet per aangetekende post had plaatsgevonden en er geen verzendadministratie of andere registratie van uitgaande post bestond. Hierdoor werd aangenomen dat het besluit pas na afloop van de wachttijd bekend werd gemaakt.
In hoger beroep handhaafde de Centrale Raad van Beroep dit oordeel. De Raad benadrukte dat bij niet-aangetekende verzending het risico van het niet kunnen aantonen van tijdige verzending bij de afzender ligt, zeker wanneer een fatale termijn geldt. Het UWV kon niet anderszins aantonen dat het besluit tijdig was verzonden. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en het primaire besluit herroepen.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV in de proceskosten van betrokkene en de werknemer. De uitspraak werd gedaan door een meervoudige kamer op 11 juli 2012 en bevestigde het oordeel van de rechtbank.
Uitkomst: Het hoger beroep van het UWV wordt ongegrond verklaard en het primaire besluit tot loonsanctie wordt herroepen wegens niet tijdige verzending.