ECLI:NL:CRVB:2012:BX1674
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag zelfstandigenbijstand wegens niet-levensvatbaar ondernemingsplan
Appellant vroeg op grond van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 (Bbz 2004) bijstand aan voor de kosten van levensonderhoud om een detailhandel in dames- en kinderkleding te starten. Het college vroeg advies aan het Instituut voor het Midden- en Kleinbedrijf (IMK), dat concludeerde dat het bedrijf niet levensvatbaar was vanwege onvoldoende uitgewerkt plan, gebrek aan investeringsvoorbereidingen, geen calculatie-inzicht, en geen onderbouwing met offertes of afspraken.
Het college wees de aanvraag af op basis van dit advies en verklaarde het bezwaar ongegrond. De rechtbank bevestigde deze beslissing. In hoger beroep stelde appellant dat het advies onzorgvuldig was en dat zijn bedrijf wel levensvatbaar is, en dat het college het advies naast zich had moeten neerleggen.
De Raad oordeelde dat het college zich in de regel mag baseren op adviezen van deskundige instanties zoals het IMK. Er waren geen aanwijzingen dat het advies onzorgvuldig of feitelijk onjuist was. Het advies hield rekening met de door appellant verstrekte informatie en er was geen tegenadvies dat het tegendeel bewees. Daarom bevestigde de Raad het bestreden besluit en de uitspraak van de rechtbank.
Uitkomst: De aanvraag zelfstandigenbijstand wordt afgewezen wegens niet-levensvatbaar ondernemingsplan.