ECLI:NL:CRVB:2012:BX1793
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Betaling Tijdspaarfonds niet als betaling aan derde in WW-berekening
Betrokkene werkte bij Bouw- en Onderhoudsbedrijf Haanko BV, dat failliet werd verklaard op 21 september 2010. De curator zegde het dienstverband op met inachtneming van de kortst mogelijke opzegtermijn. Betrokkene vroeg het UWV om overname van betalingsverplichtingen van de werkgever, waaronder vergoedingen voor vrij opneembare roostervrije dagen en kort verzuimdagen.
Het UWV kende een uitkering toe over een periode van 13 weken plus opzegtermijn, maar betrokkene maakte bezwaar omdat hij vond dat de periode maximaal een jaar had moeten zijn. De rechtbank gaf betrokkene gelijk en stelde een hogere vergoeding vast. Het UWV ging in hoger beroep.
De Raad oordeelde dat Cordares en het Tijdspaarfonds slechts administratieve functies vervullen en geen derden zijn in de zin van artikel 64 WW Pro. De stortingen zijn direct en volledig beschikbaar voor de werknemer en het Tijdspaarfonds heeft geen zelfstandige invorderingsbevoegdheid. Daarom is de periode van 13 weken plus opzegtermijn correct. Het hoger beroep wordt gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van betrokkene ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en de betalingsverplichting is terecht beperkt tot 13 weken plus opzegtermijn.