ECLI:NL:CRVB:2012:BX1965
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- J.J.T. van den Corput
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging beëindiging Ziektewetuitkering ondanks nieuwe ziekmelding en WIA-toekenning
Appellant, die blijvend ongeschikt is voor zijn oude werk en geen nieuw werk heeft hervat, kreeg zijn Ziektewetuitkering beëindigd omdat hij geschikt werd geacht voor gangbare arbeid, nader geconcretiseerd in 2008 bij de WIA-beoordeling. De functie van beginnend administratief medewerker werd als passend beschouwd.
Het Uwv baseerde het besluit op rapportages van verzekeringsartsen en arbeidsdeskundigen die concludeerden dat appellant zijn arbeid kon verrichten. Appellant stelde dat het accepteren van een nieuwe ziekmelding betekende dat het Uwv was teruggekomen op het besluit, en dat latere WIA-beoordelingen geen passende functies konden aanwijzen.
De Raad oordeelde dat de geschiktheid voor de eerder geduide functies niet ter discussie staat en dat het onderzoek zorgvuldig en compleet was. De nieuwe ziekmelding leidde niet tot herroeping van het primaire besluit. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de beëindiging van de Ziektewetuitkering bevestigd.