ECLI:NL:CRVB:2012:BX3695
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Toelating tot vrijwillige verzekering AOW en ANW ondanks overschrijding aanmeldingstermijn
Betrokkene was voor 2000 in Nederland werkzaam geweest en keerde daarna terug naar Marokko. In 2007 vroeg hij toelating tot de vrijwillige verzekering op grond van de AOW en ANW aan, nadat hem met terugwerkende kracht een WAO-uitkering was toegekend vanaf 14 juni 1999.
De Sociale Verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat betrokkene zich niet binnen één jaar na het einde van de verplichte verzekering had aangemeld. De rechtbank verklaarde het beroep van betrokkene gegrond vanwege bijzondere omstandigheden, verwijzend naar eerdere jurisprudentie.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat betrokkene zich binnen een redelijke termijn na het duidelijk worden dat hij niet meer verplicht verzekerd was, heeft aangemeld. Het feit dat hij niet binnen één jaar na 1 januari 2000 aanmeldde, kan hem niet worden verweten gezien de gerechtvaardigde veronderstelling dat hij verplicht verzekerd zou worden bij toekenning van de WAO-uitkering.
De Raad bevestigt daarom de uitspraak van de rechtbank en wijst het bezwaar van de Svb af. Er wordt geen vergoeding van kosten toegekend en appellant wordt een griffierecht opgelegd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt dat betrokkene terecht is toegelaten tot de vrijwillige verzekering ondanks het niet tijdig aanmelden.