ECLI:NL:CRVB:2012:BX4027
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering Ioaw-uitkering na ontslag op eigen verzoek ondanks medische omstandigheden
Appellante heeft haar parttime dienstbetrekking op eigen verzoek per 31 mei 2009 beëindigd. Zij vroeg vervolgens een Ioaw-uitkering aan, die door het dagelijks bestuur werd toegekend met een blijvende weigering van uitkering naar het inkomen dat zij had kunnen verdienen als zij was blijven werken.
Appellante voerde medische en sociale redenen aan voor het ontslag, waaronder zorg voor een schizofrene dochter en een voorgeschiedenis van ernstige ziekten. Desondanks oordeelde het dagelijks bestuur dat appellante niet aannemelijk had gemaakt dat voortzetting van de dienstbetrekking redelijkerwijs niet van haar kon worden gevergd, mede omdat zij geen bewijs leverde van overleg met haar werkgever over alternatieven.
De medisch arbeidsdeskundige rapportage concludeerde dat appellante ondanks haar beperkingen lichte werkzaamheden tot 20 uur per week kon verrichten. Verder had zij de mogelijkheid om zich ziek te melden of contact te zoeken met een bedrijfsarts, wat zij niet heeft gedaan.
De Raad vond geen grond om het oordeel van het dagelijks bestuur te wijzigen en bevestigde de weigering van de Ioaw-uitkering. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank Dordrecht van 17 december 2010 werd bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Ioaw-uitkering bevestigd.