ECLI:NL:CRVB:2012:BX9228
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- G.M.T. Berkel-Kikkert
- H.J. de Mooij
- Rechtspraak.nl
Bevestiging inhouding buitenlandbijdrage AWBZ-premie ondanks vrijstelling volksverzekeringen
Appellant, woonachtig in Duitsland en ontvanger van een AOW-pensioen, maakte bezwaar tegen de inhouding van de AWBZ-premie binnen de buitenlandbijdrage op zijn pensioen. Hij stelde dat hij vanwege een vrijstelling van de belastingdienst voor de volksverzekeringen niet gehouden was tot betaling van het AWBZ-deel.
De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep ongegrond en oordeelde dat de buitenlandbijdrage geen belasting is en niet onder de vrijstelling valt. Appellant ging hiertegen in hoger beroep bij de Centrale Raad van Beroep.
De Raad bevestigde de uitspraak van de rechtbank en oordeelde dat de buitenlandbijdrage een wettelijk geregelde sociale bijdrage is voor het Nederlandse zorgstelsel, niet zijnde een premie voor een ziektekostenverzekering zoals de AWBZ. Tevens werd toegelicht dat de bijdrage wordt berekend met een woonlandfactor, waardoor appellant niet bijdraagt aan zorg die niet in zijn woonlandpakket is opgenomen.
Het hoger beroep werd verworpen en de aangevallen uitspraak bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de inhouding van de AWBZ-buitenlandbijdrage bevestigd.