ECLI:NL:CRVB:2012:BY2273
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Intrekking bijstandsuitkering wegens onvoldoende gemotiveerd besluit over inkomsten
Appellante ontving vanaf november 2008 bijstand volgens de WWB. Na een onderzoek van de afdeling Handhaving van de gemeente Amsterdam werd geconcludeerd dat appellante inkomsten had die hoger waren dan de bijstandsnorm, waarop het college bijstand introk met ingang van 17 december 2009.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante tegen deze intrekking ongegrond. In hoger beroep betwistte appellante dat zij in de te beoordelen periode inkomsten had die de bijstandsnorm overschreden. De Raad stelde vast dat het college onvoldoende had gemotiveerd dat appellante in de periode van 17 december 2009 tot 12 januari 2010 hogere inkomsten had dan de norm.
Het rapport waarop het college zich baseerde betrof een periode voorafgaand aan de intrekking. Verklaringen van appellante over ontvangen gelden na 17 december 2009 waren onvoldoende onderzocht door het college. Daarom werd het bestreden besluit vernietigd en werd het college opgedragen een nieuw besluit te nemen.
Uitkomst: Het besluit tot intrekking van de bijstand wordt vernietigd vanwege onvoldoende motivering en het college wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen.