ECLI:NL:CRVB:2012:BY4478
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging maatregel blijvende gehele weigering Ziektewetuitkering wegens benadelingshandeling
Appellante was werkzaam als vertegenwoordigster bij een werkgever en werd ziek gemeld vanaf 28 april 2010. Ondanks ziekte stemde zij in met de beëindiging van haar arbeidsovereenkomst via een vaststellingsovereenkomst, waardoor zij haar aanspraak op loondoorbetaling teniet deed. Het UWV legde haar daarop een maatregel op van blijvende gehele weigering van haar Ziektewetuitkering wegens benadelingshandeling.
De rechtbank verklaarde het bezwaar gegrond vanwege schending van het hoorrecht, vernietigde het besluit, maar liet de rechtsgevolgen in stand. De Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel en oordeelt dat sprake is van een benadelingshandeling conform artikel 45 ZW Pro. Het standpunt van appellante dat zij niet ziek was op het moment van ondertekening wordt niet onderbouwd met medische gegevens.
Verder is geen sprake van verminderde verwijtbaarheid of dringende redenen om af te zien van de maatregel. De Raad concludeert dat de maatregel terecht is opgelegd en bevestigt het bestreden besluit. Proceskosten worden niet toegewezen.
Uitkomst: De maatregel van blijvende gehele weigering van de Ziektewetuitkering wegens benadelingshandeling wordt bevestigd.