ECLI:NL:CRVB:2013:1101
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- A.J. Schaap
- L.J.A. Damen
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijstandsaanvraag wegens ontbreken verblijfstitel volgens WWB
Appellant, vermoedelijk Somalische nationaliteit, diende meerdere aanvragen voor een verblijfsvergunning asiel in, die allen werden afgewezen en onherroepelijk zijn verklaard. Vervolgens vroeg hij bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand (WWB), welke aanvraag werd afgewezen omdat hij geen verblijfstitel bezit, een vereiste volgens artikel 11 WWB Pro.
De voorzieningenrechter verklaarde het beroep tegen deze afwijzing ongegrond. In hoger beroep voerde appellant aan dat internationale verdragen en de terugkeerrichtlijn (2008/115/EG) hem toch recht op bijstand zouden moeten geven. De Raad wees het verzoek om aanhouding af en overwoog dat de periode van beoordeling loopt van de aanvraagdatum tot het primaire besluit.
De Raad bevestigde dat appellant als vreemdeling zonder verblijfstitel valt onder artikel 16 lid 2 WWB Pro, waardoor bijstand geweigerd kan worden, ook bij beroep op artikel 8 EVRM Pro. De terugkeerrichtlijn was ten tijde van de aanvraag nog niet geïmplementeerd, zodat deze niet relevant was. Het hoger beroep werd verworpen en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvraag wegens het ontbreken van een verblijfstitel.