Uitspraak
OVERWEGINGEN
BESLISSING
- bevestigt de aangevallen uitspraak voor zover aangevochten;
- wijst de verzoeken tot vergoeding van schade af.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Centrale Raad van Beroep
Appellant ontving bijstand als alleenstaande, maar het college trok deze in omdat zij een gezamenlijke huishouding voerden. Na een melding en onderzoek door de sociale recherche, inclusief verklaringen van buurtbewoners en observaties, concludeerde het college dat appellanten hun hoofdverblijf hadden op het adres van appellante.
De rechtbank vernietigde de bestreden besluiten wegens onvoldoende motivering van het college, maar liet de rechtsgevolgen in stand. In hoger beroep betwisten appellanten dat zij een gezamenlijke huishouding voeren en vragen zij schadevergoeding.
De Raad beoordeelt de periode van 20 april tot 8 december 2010 en stelt vast dat het college aannemelijk heeft gemaakt dat appellanten samenwoonden, mede op basis van onafhankelijke en gedetailleerde verklaringen van meerdere buurtbewoners en waarnemingen van de sociale recherche.
De Raad oordeelt dat de inschrijving van appellant op een ander adres en het ontbreken van een bekennende verklaring niet uitsluiten dat zijn hoofdverblijf bij appellante was. Het hoger beroep faalt en de aangevallen uitspraak wordt bevestigd, waarbij de verzoeken tot schadevergoeding worden afgewezen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de intrekking en terugvordering van bijstand wegens gezamenlijke huishouding en wijst de schadevergoedingsverzoeken af.