ECLI:NL:CRVB:2013:2685
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- T.L. de Vries
- H.J. Simon
- E.E.V. Lenos
- Rechtspraak.nl
Beoordeling recht op nabestaandenuitkering bij minder dan 45% arbeidsongeschiktheid en pleegzorgvergoeding
Appellante ontving vanaf oktober 2006 een nabestaandenuitkering op grond van de Algemene nabestaandenwet (ANW) na het overlijden van haar echtgenoot. Deze uitkering werd toegekend op basis van een advies dat zij meer dan 45% arbeidsongeschikt was. In 2011 meldde appellante dat zij een baan van 20 uur per week had gevonden, waarna het UWV haar arbeidsongeschiktheid herbeoordeelde en adviseerde dat zij minder dan 45% arbeidsongeschikt was. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) trok daarop de uitkering per 1 maart 2011 in, later aangepast naar 1 juni 2011.
Appellante maakte bezwaar tegen deze beslissing en stelde dat zij wel arbeidsongeschikt was en dat zij recht had op een uitkering vanwege de verzorging van pleegkinderen. De Svb handhaafde haar standpunt dat appellante geen recht had op de uitkering omdat zij niet langer arbeidsongeschikt was en de pleegkinderen niet als eigen kinderen konden worden aangemerkt vanwege de ontvangen pleegzorgvergoeding.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigde dit in hoger beroep. De Raad oordeelde dat het begrip arbeidsongeschiktheid conform de ANW en het Schattingsbesluit arbeidsongeschiktheidswetten moet worden toegepast en dat de medische beoordeling van het UWV voldoende gemotiveerd was. Tevens leidde de pleegzorgvergoeding ertoe dat de pleegkinderen niet als eigen kinderen werden beschouwd, waardoor appellante ook op die grond geen recht had op de nabestaandenuitkering.
Het beroep op het gelijkheidsbeginsel werd verworpen omdat de situatie van appellante niet vergelijkbaar was met die van een moeder met een biologisch kind. De Raad bevestigde daarmee de eerdere uitspraak en wees het hoger beroep af.
Uitkomst: Appellante heeft geen recht op nabestaandenuitkering vanaf 1 juni 2011 wegens minder dan 45% arbeidsongeschiktheid en het ontvangen van pleegzorgvergoeding.