ECLI:NL:CRVB:2013:947
Centrale Raad van Beroep
- Tussenuitspraak bestuurlijke lus
- Rechtspraak.nl
Tussenuitspraak over Wajong-uitkering bij migraine met onvoldoende medische onderbouwing
Appellante, geboren in 1981, lijdt sinds 1994 aan migraine met frequente hoofdpijnaanvallen die enkele dagen duren. Zij vroeg in 2009 een Wajong-uitkering aan, waarbij het UWV haar arbeidsongeschiktheid op 45-55% stelde, gebaseerd op medisch en arbeidskundig onderzoek. De rechtbank verklaarde het bezwaar van appellante ongegrond, stellende dat zij acht uur per dag en 20-24 uur per week zou kunnen werken.
In hoger beroep betoogt appellante dat haar beperkingen ernstiger zijn dan door het UWV aangenomen, onderbouwd met nieuwe medische rapporten. De Raad constateert dat de medische rapportages een consistent ziektebeeld tonen met een forse ziektelast en onvoorspelbaarheid van arbeidsgeschiktheid, maar dat het UWV geen deugdelijke medische onderbouwing heeft gegeven voor de aanname dat zij 24 uur per week kan werken.
De Raad concludeert dat het bestreden besluit niet op een deugdelijke medische grondslag berust en draagt het UWV op binnen zes weken gericht nader onderzoek te verrichten en een nieuw of hersteld besluit te nemen, met expliciete aandacht voor de vraag of appellante met haar hoofdpijnklachten in staat is reguliere arbeid te verrichten gedurende 24 uur per week.
Uitkomst: Het UWV wordt opgedragen binnen zes weken het gebrek in het bestreden besluit te herstellen of een nieuw besluit te nemen met voldoende medische onderbouwing.