ECLI:NL:CRVB:2013:BY8027
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- E.J.M. Heijs
- W.F. Claessens
- J. Riphagen
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenverplichting bij hennepkwekerij
Appellanten ontvingen sinds 1998 bijstand en werden in 2005 door een politie-inval geconfronteerd met een hennepkwekerij in hun woning. Na onderzoek concludeerde het college dat de bijstand onverschuldigd was verstrekt vanwege de schending van de inlichtingenverplichting.
Het college trok de bijstand in en vorderde de ten onrechte ontvangen bedragen terug. De rechtbank verklaarde het beroep tegen intrekking gegrond, maar wees het beroep tegen terugvordering af. Appellanten gingen in hoger beroep tegen de terugvordering en voerden onder meer verjaring en vertrouwensbeginsel aan.
De Raad oordeelde dat de verjaringstermijn pas begon toen het college voldoende feiten kende, namelijk na rapporten uit 2010 en 2011. Het beroep op vertrouwensbeginsel faalde omdat het college geen toezeggingen had gedaan. Dringende redenen om terugvordering te matigen werden niet aangenomen, ook niet vanwege mogelijke nadelige gevolgen voor een schuldsaneringstraject.
De Raad bevestigde dat appellanten de inlichtingenverplichting schonden en dat het college discretionair bevoegd is tot bruto terugvordering. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de intrekking en terugvordering van bijstand bevestigd.