ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4069
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevoegdheid indicatieorgaan en aanspraak op meer AWBZ-zorg buiten zorgzwaartepakket
Betrokkene, met ernstige gezondheidsproblemen, vroeg om indicatie van AWBZ-zorg, waaronder meer zorg dan het standaard zorgzwaartepakket. CIZ heeft meerdere besluiten genomen over de indicatie en additionele uren. De rechtbank verklaarde beroep tegen eerdere besluiten niet-ontvankelijk en gaf deels gelijk voor de ingangsdatum van additionele uren.
Betrokkene stelde in hoger beroep dat CIZ bevoegd moest blijven meer zorg te indiceren dan het zorgzwaartepakket en voerde schendingen aan van gelijkheids-, rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel. CIZ stelde dat de wet- en regelgeving per 1 januari 2012 de indicatiebevoegdheid beperkt en dat de beoordeling van meer zorg onafhankelijk door het zorgkantoor wordt gedaan.
De Raad oordeelt dat de wetgever bevoegd is de aanspraken op AWBZ-zorg te beperken tot het zorgzwaartepakket en dat meer zorg niet door CIZ geïndiceerd kan worden. De regeling dat verzekerden zich tot de zorgverzekeraar kunnen wenden voor meer zorg is binnen beleidsvrijheid. Beroepen op gelijkheids-, rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel worden verworpen omdat geen sprake is van ongelijke gevallen of benadeling. De Raad vernietigt het deel van de uitspraak dat CIZ moest heroverwegen over de periode 1 januari tot 21 februari 2012 en bevestigt verder de uitspraak.
Uitkomst: CIZ is niet bevoegd om meer zorg te indiceren dan het zorgzwaartepakket; beroepen op gelijkheids-, rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel worden verworpen.