ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4250
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- A. Beuker-Tilstra
- A.A.M. Mollee
- C.H. Bangma
- Rechtspraak.nl
Ontslag politieambtenaar wegens ongeschiktheid door ontbreken juiste mentaliteit en vertrouwensbreuk
Appellant was politieambtenaar en werd ontslagen wegens ongeschiktheid voor zijn functie, anders dan op grond van ziels- of lichaamsgebreken. Het ontslag volgde na een disciplinair onderzoek dat zes onjuiste gedragingen aan appellant toedichtte. De korpschef zag geen reden voor een verbeterkans vanwege de ernst en volharding in het gedrag.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellant in hoger beroep enkele gedragingen betwistte. De Raad stelde vast dat drie gedragingen onvoldoende bewezen waren, maar drie andere ernstige gedragingen wel: het verstrekken van vertrouwelijke informatie aan een beveiligingsbedrijf, het privématig raadplegen van bedrijfsprocessensystemen en het onderhouden van contacten met personen met criminele antecedenten.
De Raad oordeelde dat deze gedragingen het ontbreken van essentiële eigenschappen, mentaliteit en instelling voor de functie aantonen. Het bieden van een verbeterkans was niet zinvol gezien de ernst en volharding in het gedrag. De Raad bevestigde het ontslagbesluit en zag geen aanleiding tot proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het ontslag van appellant wegens ongeschiktheid wordt bevestigd omdat hij de juiste mentaliteit en instelling voor zijn functie ontbeert.