ECLI:NL:CRVB:2013:BZ4851
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging herziening en terugvordering WW-uitkering wegens niet gemelde zelfstandige werkzaamheden
Appellant ontving vanaf 1 april 2009 een WW-uitkering gebaseerd op een arbeidsurenverlies van 38 uur per week. Op 7 oktober 2009 werd in zijn woning een hennepkwekerij aangetroffen en ontmanteld. Uit onderzoek bleek dat appellant deze kwekerij had opgebouwd en werkzaamheden als zelfstandige verrichtte, die hij niet had gemeld aan het Uwv.
Het Uwv herzag de uitkering met ingang van 29 augustus 2009 tot en met 11 oktober 2010, waarbij het arbeidsurenverlies werd verminderd met 25 uur per week. Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij geen inkomsten had genoten en dat de werkzaamheden slechts een mislukte poging waren, en betwistte de omvang van de geschatte uren.
De Raad oordeelde dat de werkzaamheden terecht als zelfstandige activiteiten zijn aangemerkt, ongeacht het ontbreken van financieel voordeel. Door het niet melden van deze werkzaamheden werd de inlichtingenplicht geschonden. Het Uwv mocht de omvang van de werkzaamheden schatten, waarbij de schatting van 25 uur per week standhield. De terugvordering van onverschuldigde uitkering is daarmee terecht. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de herziening van de WW-uitkering en terugvordering wegens niet gemelde zelfstandige werkzaamheden.