ECLI:NL:CRVB:2013:BZ5697
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening eigen bijdrage zorg met terugwerkende kracht niet in strijd met rechtszekerheids- en vertrouwensbeginsel
Betrokkene had bij besluit van 24 januari 2009 een eigen bijdrage voor zorg met verblijf vastgesteld gekregen, met de vermelding dat deze definitief was. Later stelde appellant de eigen bijdrage met terugwerkende kracht per 1 januari 2009 bij op basis van nieuwe inkomensgegevens van de Belastingdienst.
De rechtbank had het beroep van betrokkene tegen deze herziening gegrond verklaard, stellende dat het vertrouwensbeginsel en rechtszekerheidsbeginsel waren geschonden omdat betrokkene erop mocht vertrouwen dat de bijdrage definitief was vastgesteld.
De Centrale Raad van Beroep vernietigde deze uitspraak en verklaarde het beroep ongegrond. De Raad oordeelde dat betrokkene redelijkerwijs rekening had moeten houden met een mogelijke herziening, omdat uit de berekening bij het eerste besluit bleek dat onjuiste inkomensgegevens waren gebruikt. De enkele vermelding 'definitief' in het besluit was geen ondubbelzinnige toezegging dat herziening uitgesloten was.
De Raad benadrukte dat appellant de eigen bijdrage correct heeft aangepast na ontvangst van definitieve gegevens en daarmee niet in strijd heeft gehandeld met algemene beginselen van behoorlijk bestuur. Het beroep van betrokkene werd daarom verworpen.
Uitkomst: De herziening van de eigen bijdrage met terugwerkende kracht wordt bevestigd en het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard.