ECLI:NL:CRVB:2013:BZ9521
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- E.J. Govaers
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Weigering Wajong-uitkering wegens andere ziekteoorzaak van toegenomen arbeidsongeschiktheid
Appellant vroeg een Wajong-uitkering aan vanwege toegenomen arbeidsongeschiktheid na een niertransplantatie. Het UWV kende aanvankelijk een uitkering toe, maar beëindigde deze later omdat de arbeidsongeschiktheid minder dan 25% bedroeg. Een latere aanvraag werd afgewezen omdat de toegenomen beperkingen voortkwamen uit een andere ziekteoorzaak, namelijk psychische problematiek en gameverslaving, los van de nierproblemen.
De rechtbank en vervolgens de Centrale Raad van Beroep oordeelden dat de medische rapporten en verzekeringsgeneeskundige onderzoeken voldoende onderbouwd waren. De bezwaarverzekeringsarts had gemotiveerd dat de psychische klachten niet direct verband hielden met de niertransplantatie en dat de energetische beperkingen niet waren toegenomen.
De Raad wees op de causaliteitseis uit de Amberbepalingen en het feit dat het bestaan van een risicofactor niet automatisch betekent dat sprake is van dezelfde ziekteoorzaak. De Raad bevestigde dat het UWV voldoende bewijs had geleverd dat er geen oorzakelijk verband was tussen de eerdere en latere arbeidsongeschiktheid.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de Wajong-uitkering bevestigd.